Over ons

 
 

Historie

Lang hoeft Theo Barten er niet over te denken. Hij herinnert zich nog goed hoe Pastoor Meffert in 1961 op bezoek kwam en opmerkte dat er in Westerbeek eigenlijk niet veel te doen was op cultureel gebied.

Zou het geen goed idee zijn om een paar verenigingen of clubs op te richten.

Het woord sport viel en toneel.

Theo’s antwoord was heel duidelijk. Voor basket-bal kon de  pastoor maar beter bij een ander aankloppen, maar wat het toneel betrof. Daar had hij zeker oren naar. In Rijkevoort had Theo al ervaring opgedaan met de belichting bij toneeluitvoeringen.

Toen Theo het idee besprak met Wim Vloet, kwam het al gauw in een stroomversnelling. Wim, die in het verleden vaker op de planken had gestaan nam enthousiast het voortouw en al gauw werd een bestuur gevormd. Tjeu Lange, Jo Verbruggen, Wim zelf en Theo Barten besloten de kar te trekken. 

Geestelijk adviseur werd Pastoor Meffert. Niet dat hij zich met de keuze van het stuk of de uitvoering bemoeide, maar in die tijd was het vanzelfsprekend voor elke vereniging of club om een geestelijk adviseur te hebben.

Zelfs een bijenclub, om maar eens iets te noemen, had er een.

 

Bij gelegenheid van de feestelijke heropening van de gymzaal in de oude school wat later gemeenschapshuis werd en nu al geruime tijd De Schans heet, werd de eenakter “De verliefde luitenant” ingestudeerd. Hiervoor werden spelers van RKJB en Missienaaikring bijeen gebracht.

Ook Regisseur Bert Weijmans en toneelmeester Bert Hendriks stonden aan de wieg van de kersverse Toneelgroep Westerbeek.

Na een succesvol optreden volgde het avondvullende stuk “Spook van de Vrijburcht”. Vervolgens wist de Toneelgroep Westerbeek het publiek jaar op jaar opnieuw te boeien, aanvankelijk in een tijd waarin nog weinig aanbod was op cultureel gebied, maar ook tot heden waarin mensen een zo breed scala aan keuzemogelijkheden wordt geboden.

 

In het begin moest er geroeid worden met de riemen die er waren.

Veelal was het behelpen. Er was geen geld, er waren geen degelijke materialen voor een decor, er was nog geen schrift om notulen in te maken.

 

Natuurlijk was het een uitdaging om van niks iets te maken. Gelukkig ligt de tijd van wat gammele panlatten en stijf behangpapier als decor al lang achter ons. Het scheurtje in het oor dat een speler hierdoor opliep is vaak besproken.

Kou hebben de spelers ook wel geleden in het verleden. Aanvankelijk was er nog geen verwarming en bovendien was het veel te duur om een heel gebouw op te warmen. Inventief waren de spelers zeker. Ze vonden een oplossing om uitsluitend het toneel te verwarmen door een koker over de kachel te plaatsen en een gat in de muur te maken. De enorme walm en stank die hierbij ontstond werd voor lief genomen.

Het gevoel dat winters in die tijd strenger waren dan nu is te begrijpen bij het aanhoren van de verhalen over de oude gaskachel waarbij in combinatie met de gaten in de muur enkel en alleen de vensterbank warm werd.

 

Gelukkig was er de warme bakkerij van Ties van Lankveld waar wel eens gerepeteerd mocht worden, soms ook een klas in de Lagere School of

in de Kerkstraat bij Wim Vloet. De bank werd aan de kant geschoven, Dora schikte een beetje in en het spel kon beginnen.

 

Naast het jaarlijkse aanvullend stuk liet Toneelgroep Westerbeek ook van zich horen met een Passiespel en bij diverse dorpsaangelegenheden en jubilea. In Rijkevoort werd de groep ook heel wat keren uitgenodigd om een opvoering te doen.

 

De keuze van het toneelspel wordt afgestemd op de vraag van het publiek, waarbij als belangrijk uitgangspunt een ontspannen avondje uit wordt genoemd en een flinke dosis lachen hieraan zeker een bijdrage levert.

 

De repetitieavonden als aanloop naar de uitvoering vergen veel inzet en concentratie van de spelers, maar staan daarnaast garant voor heel wat plezierige avonden.

Dat blijkt wel uit het feit dat de groep naast jonge spelers ook spelers in haar midden heeft die al heel wat jaartjes meespelen. In 2011 zijn er 3 jubilarissen. Voorzitter Leo van Asten is 25 jaar lid en Martien Bexkens en Martien van den Oever staan maar liefst pal voor hun 50-jarig jubileum.

 

Dat Toneelgroep Westerbeek al zoveel jaar het publiek aan zich weet te binden, is zeker een verdienste van de regisseurs, die door hun vakmanschap de spelers motiveren, inspireren en adviseren zodat de spelers zoveel mogelijk inzicht krijgen hoe het beste hun rol eigen te maken.

 

Voor een geslaagde opvoering zijn mensen achter de schermen, zoals souffleurs, inspiciënten, decorbouwers en last but not least licht- en geluidstechniek enorm belangrijke factoren.

 

Allerbelangrijkste is tot slot het publiek. Wat is er mooier voor een Toneelgroep dan de mensen in de zaal mee te mogen nemen in het verhaal, ervan te kunnen laten genieten en na afloop te horen dat ze een fijne avond hebben gehad.

2011 is als jubileumjaar een mijlpaal, waarin gekozen is voor de bijzondere voorstelling “D’n Twist blieft d’n Twist” maar ook hierna hopen we  het publiek nog vaak te mogen ontmoeten bij een van onze volgende voorstellingen.

 

Theo speelt alleen in gedachten zo nu en dan nog mee.

De opvoering van “D’n Twist blieft d’n Twist” in dit jubileumjaar boeit hem enorm. Met veel interesse en herkenning verslindt hij alle achtergrondinformatie en droomt zo nu en dan weg naar het verleden.

Toneel is en blijft min of meer een spiegel van de werkelijkheid, of je dit wilt of niet. Soms word je zodanig meegesleept dat je even niet meer weet wat jouw werkelijkheid op dat moment nu eigenlijk is.